Onderdelen van de viool
Geschiedenis van de viool
Onderhoud van de viool
Flageoletten
Versieringen
Vingerstelling versus voortekens
Studeren!?
Spelletjes
play-in 2005
vervolg play-in
kleuterviool
afsluiting 2004-2005
Samenspelen met Janine Jansen
Parnas december 2005
A7 december 2005
Sneek december 2005
foto's dec 2005/ jan 2006
Kaatslandfestival
Voorspeelavond 5 april 2006 Sneek
Voila!
Leerlingen spelen met Brennivin
koninginnedag 2006
Harmonieconcert 9 juni 2006
Parnasconcours 2006
afsluiting seizoen juli 2006
Zirkus Quatsch
Strijkersfestival November 2006
herfst-winter voorspeelavond 22-11-2006
Douwe en het openluchttheater
Concours Parnas 2007
Princessedag 2007
Laatste voorspeelavond Beetsterzwaag
Midzomerconcert 3 muziekscholen Princessehofmuseum
Afsluitingen seizoen 2006-2007
Theorie toetsen
Muzikale woorden
Stijlen en Componisten
Noten lezen/notatie en aanwijzingen
Toonladders
Intervallen en akkoorden
Maat en Ritme
Lesaanvulling
muziekboeken
Stijlen en Componisten



Renaissance

Periode: ±1420 - ±1600
Componist(en): William Byrd(Fantasia a 4 voor viola da gamba's)
Stijlkenmerken: Als reactie op de middeleeuwen,waar gemeenschapszin en vroomheid zeer belangrijk waren, richt de Renaissance zich meer op individualisme en wereldmuziek.Composities zijn rustig,evenwichtig en hebben de ideale verhoudingen. Men streefde naar mooie harmonieen, samenklanken, door het volgen van vaste regeltjes.


Barok

Periode: ± 1600 - ± 1750
Componisten: J.S.Bach (Chaconne uit de Partita in d-klein voor viool), A.Vivaldi (de 4 jaargetijden voor viool en orkest), G.Ph.Telemann(12 fantasien voor viool)
Stijlkenmerken: Rijkdom aan versieringen.Beweeglijkheid.Luchtig spelend, vaak onderste helft van de stok. In tegenstelling tot de Renaissance moet muziek meer het gevoel aanspreken.Veel stukken zijn met Basso Continuo; een begeleidende partij van meestal een akkoordinstrument met een basinstrument.


Classicisme

Periode: ±1750- ±1800
Componisten: W.A.Mozart (vioolconcert no.2 in D-groot kv.211), F.J.Haydn(vioolconcert in G-groot) , L.van Beethoven(vioolromance no.2 in F-groot)
Stijlkenmerken: Als reactie op de periodes Barok maar vooral Rococo ,met zijn overdaad aan versieringen, nu minder versieringen. Helderheid,eenvoud,evenwicht in vorm en inhoud is belangrijk.
Veel geschreven voor strijkkwartet, het ontstaan van de piano waardoor crescendo en decrescendo mogelijk is wat niet mogelijk was met de (voorloper) clavecimbel.


Romantiek

Periode: ±1800 - ±1900
Componisten: R.Schumann(Phantasie voor viool en orkest), J.Brahms(dubbelconcert voor viool en cello), A.Dvorak(Romance in f-klein voor viool en orkest), P.Tsjaikowski(het vioolconcert)
Stijlkenmerken: Het persoonlijke gevoel in de muziek is belangrijk.Groot verschil in dynamiek.Geen duidelijke vormen als Classicisme.Nationale elementen komen naar voren (zoals volksliedjes die worden gebruikt in de composities). Splitsing van muziek uit deze periode: virtuoze of "zware" muziek versus ontspanningsmuziek (operette,dansmuziek van Strauss). Niet-muzikale onderwerpen worden gebruikt in de compositie (bijv.natuur).


20e eeuw

Periode: ±1900-heden
Componisten: A.Berg(vioolconcert "Dem Andenken eines Engels"), D.Shostakowitsj (1e vioolconcert), B.Bartok(vioolduos)
Stijlkenmerken: Veel verschillende stijlen door elkaar. Er wordt geëxperimenteerd met vreemde klanken,moeilijke ritmes.Melodieën en ritmes zijn vrij. Daarnaast ontstaat populaire muziek, jazz enz.......maar tegenwoordig worden deze stijlen ook door aantal componisten gemengd.


viool en compositie